Île d'Oléron: natuur, zee en zon

Tussen de monding van de Charente en de Atlantische Oceaan ligt Oléron, na Corsica het grootste eiland van de Franse kust. Het eiland biedt een zeer divers landschap, strand, bos, weilanden en rotsachtige kliffen langs de kust bestaan in perfecte harmonie naast elkaar. De kust strekt zich uit over een gebied van ongeveer 100 kilometer.

Het heerlijke klimaat, de zeelucht en de oesters zijn de belangrijkste factoren voor een gegarandeerd onvergetelijke vakantie. Het eiland telt 20.000 inwoners die er het hele jaar wonen. Ze zijn verdeeld over acht gemeentes en vormen samen een gemeenschap van verchillende gemeentes.

De economische en toeristische groei en de bijzondere omgeving maken van Oléron een zeer aantrekkelijk eiland voor velen. Het hele jaar door kunt u er langs uitgezette routes wandelingen en tochten te paard of met de fiets maken. U ontdekt de historische rijkdom van het gebied, de flora en fauna en niet te vergeten de zeelandschappen die veranderen afhankelijk van eb of vloed.

Dankzij het klimaat en de geografische ligging is het île d’Oléron een bevoorrechte plek voor diverse sporten. Zee, zon, wind en zand komen hier samen.

Het Château d'Oléron: vestingstad

Bij het afdalen van de brug aan de zuidoost kant van het eiland verschijnt het Château d'Oléron in een kleurrijk decor. De oesterhuisjes, oestervloot, het strand, het water en de diverse winkels doemen tegelijk op.

Deze stad is sinds de 17e eeuw onder invloed van Richelieu en Vauban omgebouwd tot een vestingstad. De prachtige burcht en de vestingmuren zijn nog bewaard gebleven, zeker de moeite waard om te bezoeken! Ontdek ze langs de vele fietsroutes.

De oesterkweek is hier sinds jaar en dag de belangrijkste activiteit. Op twee plekken, le chenal d'Ors en de haven aan de voet van de vestingmuren, bevinden zich 250 gezinsbedrijven.

Het Château d'Oléron is in de zomerperiode een bedrijvig dorp, er zijn dan volop concerten, festivals, nachtmarkten en festiviteiten waarbij de oester, de mossel en de likeurwijn pineau centraal staan.

Een blauwgroen eiland

Ile d'Oléron is net een gigantische puzzel, 35 km lang en 12 km breed. Na elke weg ontdekt u weer een nieuw landschap. De bodem is erg rijk en dat levert een gevarieerd landschap op: veeteelt, groenteteelt en vooral wijnbouw.

De zoutpannen, door de mens jaren geleden aangelegd voor de zoutindustrie, worden langzamerhand steeds vaker gebruikt voor de affinage van oesters, men spreekt nu ook wel van de “claires”. Er zijn nog steeds zoutpannen actief, u kunt ze bezichtigen in de haven van de zoutziederij in Brée of Douhet.

De flora en fauna hebben ook voordeel van de bijzondere weersomstandigheden. Er leven talrijke vogelsoorten en zoogdieren op het eiland. Men telt meer dan 300 vogelsoorten. Oléron staat bekend om zijn stokrozen, tamariskbomen, mimosastruiken en zeedennen.

Eb en vloed duidt de periodieke beweging aan van het waterniveau dat twee keer per dag met regelmatige intervallen stijgt en daalt. De oceaan, dan weer rustig, dan weer wild, verandert de vorm van de kust voortdurend.

De westkust met de uitgestrekte ruwe vlaktes leent zich goed voor watersporten (zeilen, windsurfen, surfen, strandzeilen, etc.). De fijne zandstranden zijn ook ideaal voor een dagje zwemmen en luieren.

De kust zit vol met oesterkwekers. Bij eb kunt u de oesterparken zien waardoor het strand zijn typische uitstraling krijgt. Elke dag vertrekken vissers op zoek naar de meest nobele vissoorten en schaaldieren (tong, baars, zeekreeft en garnalen)

Het werk van de mens

De wijngaard

De wijngaard in Oléron beslaat 800 hectare. De belangrijkste druivensoort is de Ugni blanc waar distilleerwijn ten behoeve van cognac uit gemaakt wordt. Ook andere druivensoorten zijn geplant: de sauvignon, de colombard, de cabernet en de merlot. Deze verschillende kwaliteiten dragen bij aan de productie van de pineau des charentes (likeurwijn), de roséwijn en de witte wijn die uitstekend samengaan met oesters.

Vissen

Er worden verschillende vistechnieken beoefend op het eiland île d’Oléron.

De typische vistechniek met de vissluizen ten noorden van het eiland bestaat uit een enorme stenen muur die in een boog gebouwd is om water vast te houden. Als de zee zich terugtrekt worden de vissen gevangen.

Zeevissen: meerdere vishavens grenzen aan de kust van Oléron, maar de grootste is die van Cotinière (12° nationale haven, 80 vissersboten). Hier varen ze dagelijks uit om hun netten uit te gooien en hun korf binnen te halen. Zo worden de nobele vissen en schaaldieren naar de kade gebracht.

Oesterteelt

De oesters van Marennes-Oléron profiteren van een bijzondere omgeving, gunstige weersomstandigheden en zeer veel kennis en techniek. De oester is het boegbeeld van de lokale keuken.

De oester uit Marennes-Oléron is van uiterst hoge kwaliteit, bovendien de enige in Frankrijk die het keurmerk ‘Rouge’ bezit.

De oesterteelt duurt minstens vier jaar. Het eerste jaar, nadat het oesterzaad gevangen is ontwikkelen ze zich in zee. Het jaar erop wordt het détroquage (losmaken van oesters uit de vangnetten) van de kleine oesters gedaan. Het weekdier wordt in de kweekparken opnieuw in zeewater gelegd. Tijdens deze periode verplaatst de oesterkweker de oesters meerdere keren, afhankelijk van de stroming en de getijden, zodat ze onder de beste omstandigheden kunnen groeien. Als ze eenmaal groot zijn, breekt de belangrijkste fase aan: de affinage (rijping). Ze worden in het moerasland ondergebracht, hier komt zoet en zout water samen, en verblijven hier een tot drie maanden. Hier krijgen ze de typische gewaardeerde streeksmaak en de specifieke groene kleur, dankzij de aanwezigheid van een microscopische alg, de blauwe navicula.